Requiem

Het Requiem in d-moll (KV 626) is de laatste, onvoltooid gebleven compositie van de Oostenrijkse componist Wolfgang Amadeus Mozart. Slechts één onderdeel van Mozarts compositieproject van de toonzetting van de teksten van de Latijnse Missa Defunctorum (dodenmis of requiem, naar de beginwoorden van het Introïtus) werd door hem voltooid.

Van het aansluitende Kyrie, een fuga, werden alleen de vocale partijen en basso continuopartij volledig door hem uitgeschreven, de orkestpartijen (nog) niet. Toch kan ook dit onderdeel van de totale compositie als voltooid worden beschouwd. Immers, wanneer in 18de-eeuwse kerkmuziekcomposities de (strenge) fugavorm aan bod komt, wat bij het Kyrie van Mozarts requiem niet het geval is, volgt het orkest de zangpartijen meestal letterlijk. Dientengevolge hoeven de orkestpartijen niet uitgeschreven te worden in de compositiepartituur. Ook het tweede Kyrie (in fis-moll) uit de Missa in h-moll van Johann Sebastian Bach staat op deze wijze in de oorspronkelijke, handgeschreven netschrift-partituur genoteerd, net als de Kyrie-fuga uit Mozarts requiem als 5-stemmige compositie: voor vier vocale partijen (SATB) en met een ondersteunende basso-continuopartij.

Dat het Requiem van Mozart kon ontstaan en inmiddels tot de meest geliefde en gewaardeerde werken van Mozarts gehele oeuvre wordt gerekend, is te danken aan zijn oud-leerling, vriend en collega Frans Xaver Süßmayr, die het afgebroken compositieproject van het requiem op een zeker moment ter hand nam en de meerstemmige muziek completeerde. Feitelijk gezien en strikt genomen bevat de requiemcompositie zelfs meer Süßmayr dan Mozart.

Mozart bedacht en schetste de vermoedelijk gehele requiemcompositie zowel voor als tijdens zijn laatste ziekbed in 1791. Alleen de twee eerste delen werkte hij echter tot een geheel uit. Omdat het requiem een bestelde compositie betrof, werd het werk op aandringen van Mozarts weduwe Constanze Mozart voltooid – het moest voltooid worden – in eerste instantie door Joseph Eybler maar later door Franz Xaver Süßmayr, beiden vrienden en collega’s van Mozart. Deze ontwikkeling heeft lange discussies omtrent de originaliteit van het stuk uitgelokt. Naast de muzikale kwaliteit geniet het muziekwerk ook bekendheid door het verhaal achter de mysterieuze opdrachtgever van Mozart.

(bron: Wikipedia)